Dilia Leitner

lijsttrekker & fractie-voorzitter D66 Haarlem

Globalisering niet altijd rechtvaardig.

 

geld

Het nieuws dat er 200 banen verloren gaan bij onze Haarlemse drukkerij Enschede, raakte mij echt. Het gaat om 200 mensen, met gezinnen, die zich met hart en ziel hebben ingezet voor het bedrijf, hun trots. Het bedrijf drukte meer dan 200 jaar gelden haar eerste bankbiljetten en was de enige gelddrukkerij in Nederland. Het bedrijf kan en wil nu de concurrentie op het ongelijke internationale speelveld tegen andere internationale staatsdrukkerijen niet meer aan. Menigeen haalt zijn schouders op. Tijden veranderen nu eenmaal. Het drukken van geld en postzegels is ook meer iets van vroeger tijden. In Nederland maken we ook geen auto’s en vliegtuigen meer en de economie bloeit nu toch weer helemaal op. Nederlanders moeten niet zo zeuren. Toch? Het blijft ongemakkelijk voelen. Wat hebben die 200 mensen aan het verhaal dat liberalisering goed voor hen is? Wat hebben ze aan het verhaal dat Europa ook veel goeds brengt?

Bovenstaande Haarlemse voorbeeld laat weer zien, hoe de globalisering ook negatieve effecten heeft. De nadruk heeft de afgelopen decennia gelegen op de positieve effecten hiervan. Volgens de Nederlandse Bank in 2009 profiteerde Nederland onder meer als distributieland van de handel en hadden Nederlandse exporteurs baat bij toenemende welvaart in India en China. Maar mensen maken zich ook zorgen om hun lonen, werkgelegenheid en de afnemende politieke invloed van ons land door het verlies van grote multinationals.

Sinds de Tweede Wereldoorlog voltrekt zich in Neder land een proces van langzaam overdragen van soevereiniteit. Ons land sloot zich achtereenvolgens aan bij de Benelux, de EG en de EU. Deze globalisering levert niet concreet zichtbare voordelen op. De open economie bleek gevoelig voor buitenlandse overnames. Veel Nederlandse parels bijvoorbeeld HEMA, KLM, VNU, NUON en de Hoogovens verdwenen in buitenlandse handen. Nederland had altijd een relatief groot aantal eigen multinationals, maar we missen nieuwe multinationals. En daarmee is de verkoop van Nederlandse ondernemingen een volgende fase in een politiek economisch proces van het overdragen van soevereiniteit. Het is een verlies van zelfbeschikking van de economie.

Logisch dat er een groep Nederlanders het gevoel heeft grip te verliezen. Die emotie moeten we serieus nemen. De reflex van het nog beter willen uitleggen, werkt niet. Een nieuwe generatie politici wil meningen verkondigen. Ze vinden dat er tegengas gegeven moet worden aan populisten. Ze vertellen wat er wel en niet klopt of stellen een tegenvraag; “vertel ons maar wat u nodig heeft van de politiek”. Daarmee zet je mensen voor het blok. Politici die echt verbindend zijn, verwoorden niet alleen de behoeften van hun directe achterban. Ze leggen hun oor te luister in heel de samenleving en verwoorden de behoeften en vooral deze vertalen in acties.

Nederland is een open samenleving en economie. De reflex van protectionisme is dan geen optie. Toch moet Nederland zich eens herbezinnen op de vraag of de overheid geen actievere rol moet spelen in de bescherming van haar kampioenen. Als onze bedrijven niet op een gelijk speelveld kunnen opereren, dan moeten de overheid daarvoor actief voor strijden. Dit via de rechter proberen af te dwingen. Daarnaast hebben we regelgeving nodig om buitenlandse overname te kunnen toetsen. Zodat we ook soms ook nee kunnen zeggen.

Het feit dat we collectief ergens van profiteren, wil nog niet zeggen dat dit voor iedereen goed uitpakt. De politiek mag niet machteloos toekijken hoe privatisering en liberalisering hun gang gaan. Dan verliest de politiek terecht het vertrouwen van de burgers. Een sterke markt vraagt om een sterke overheid, dat willen we wel eens vergeten. Politici moeten luisteren, duiden en vooral verstandige dingen doen. Als het namelijk bij pratende hoofden blijft, dan kiezen kiezers een breekijzer.

Advertenties

Informatie

Dit bericht is geplaatst op 4 januari 2017 door in Uncategorized.
%d bloggers liken dit: